Voor A Smoker’s Theatre werkten kunstenaars Caz Egelie en Jesse Strikwerda voor het eerst nauw samen. Tijdens hun residency maakten ze wekelijks nieuwe decors en installaties die een rol kregen in een veranderend toneelstuk, waarin ook steeds andere acteurs een rol speelden. Daarbij baseerden zij zich op de Friese traditie van Iepenloftspullen (openluchtspelen), vragen rondom de identiteit van de kunstenaar en Bertold Brecht’s ideeën over The Smoker’s Theatre. Tijdens de Triënnale tonen zij een nieuwe bewerking van de film in een installatie speciaal gemaakt voor de locatie.
Caz Egelie (1994) maakt installaties, performances, tweedimensionale werken en video’s. Daarin combineert hij een multidisciplinaire visuele vocabulaire met een conceptuele benadering, met een hang naar theater en performativiteit. Door te verwijzen naar de kunstgeschiedenis en naar andere kunstenaars, en door ongebruikelijke manieren van productie en presentatie in te zetten, speelt Caz een pingpongspel met echt en nep, feit en fictie, reproductie en ‘de handtekening van de kunstenaar’. Door dergelijke classificaties te ontkennen, levert Caz institutionele kritiek vanuit de positie van de nar, met als resultaat iets wat je ‘institutionele grap’ zou kunnen noemen.
Jesse Strikwerda (1991) maakt installaties en sculpturen waarin de maakbaarheid van de werkelijkheid centraal staat. Het uitgangspunt voor dit onderzoek naar een beeld wordt gevormd door het ontrafelen van de verschillende lagen van een geconstrueerde werkelijkheid. Constructies worden omver geduwd, opgetild, verborgen en getoond aan een publiek. Achterdoeken worden voor elkaar gehangen, als verhulling van de onderliggende structuur, en vervolgens door de kunstenaar weer opgetild om diezelfde structuur van een podium te voorzien. Elementen uit de werkelijkheid (bouwmaterialen, feestartikelen, gevonden voorwerpen) worden afgewisseld met beelden (tekeningen, stripachtige elementen en klei-objecten), waardoor een spannend spel ontstaat waarin op een speelse manier pijnlijk duidelijk wordt dat alles gemaakt én afgebroken kan worden.